Justice: What's The Right Thing To Do? Episode 01 "THE MORAL SIDE OF MURDER"
-
0:04 - 0:08Dit programma wordt gesponsord door:
-
0:08 - 0:15Aanvullende sponsoring verzorgd door:
-
0:34 - 0:38Dit is een cursus over rechtvaardigheid en we beginnen met een verhaal.
-
0:38 - 0:40Stel je bent de bestuurder van een tramwagen,
-
0:40 - 0:45en je tramwagen rijdt met 60 mijl per uur over het spoor
-
0:45 - 0:49en aan het einde van het spoor zie je vijf arbeiders aan het werk op het spoor.
-
0:49 - 0:52Je probeerde te stoppen maar dat lukt niet,
-
0:52 - 0:54je remmen werken niet.
-
0:54 - 0:57Je voelt je wanhopig omdat je weet
-
0:57 - 1:00dat als je tegen de vijf arbeiders botst
-
1:00 - 1:01ze allemaal zullen sterven.
-
1:01 - 1:05Laten we aannemen dat je dat zeker weet.
-
1:05 - 1:07En je voelt je dus hulpeloos
-
1:07 - 1:09tot je ziet dat er
-
1:09 - 1:11aan de rechterkant
-
1:11 - 1:13een zijspoor is.
-
1:13 - 1:16Aan het einde van dat spoor
-
1:16 - 1:17is er een arbeider
-
1:17 - 1:19aan het werk aan het spoor.
-
1:19 - 1:21Je stuur werkt
-
1:21 - 1:23dus je kunt
-
1:23 - 1:26de tramwagen van koers veranderen als je wil
-
1:26 - 1:29op dat zijspoor
-
1:29 - 1:30de ene dodend
-
1:30 - 1:33maar de andere vij reddend.
-
1:33 - 1:36Hier is onze eerste vraag.
-
1:36 - 1:39Wat is het juiste om te doen?
-
1:39 - 1:40Wat zou jij doen?
-
1:40 - 1:43Laten we stemmen.
-
1:43 - 1:45Wie van jullie
-
1:45 - 1:52zou de tramwagen op het zijspoor sturen?
-
1:52 - 1:54Wie van jullie zou dat niet doen?
-
1:54 - 1:58Wie zouden er rechtdoor gaan?
-
1:58 - 2:04Hou je handen omhoog, als je rechtdoor zou gaan.
-
2:04 - 2:08Een handvol mensen zou dat doen, de overgrote meerderheid zou sturen.
-
2:08 - 2:10Laten we eerst aanhoren-
-
2:10 - 2:14nu moeten we de redenen onderzoeken waarom je denk
-
2:14 - 2:20dat dat het juiste is om te doen. Laten we beginnen met hen in de meerderheid, wie zou sturen
-
2:20 - 2:22om op het zijspoor te gaan?
-
2:22 - 2:24Waarom zou je dat doen,
-
2:24 - 2:26wat zou je reden zijn?
-
2:26 - 2:30Wie wil vrijwillig een reden geven?
-
2:30 - 2:32Ga je gang, sta op.
-
2:32 - 2:39Want het kan niet juist zijn om vijf mensen te vermoorden als je er in de plaats daarvan maar een hoeft te vermoorden.
-
2:40 - 2:42Het zou niet juist zijn om er vijf te doden.
-
2:42 - 2:47als je er in plaats daarvan maar een hoeft te doden.
-
2:47 - 2:49Dat is een goede reden.
-
2:49 - 2:53Dat is een goede reden.
-
2:53 - 2:54Wie nog meer?
-
2:54 - 2:57Is iedereen het daar mee eens?
-
2:57 - 3:01Met die reden? Ga je gang.
-
3:01 - 3:04Nou, ik dacht dat dat dezelfde reden was waarom
-
3:04 - 3:05we op elf september de mensen die het vliegtuig
-
3:05 - 3:08die het vliegtuig in het
-
3:08 - 3:10veld in Pennsylvania vlogen als helden zien.
-
3:10 - 3:12Omdat zij ervoor kozen om de mensen in het vliegtuig te doden
-
3:12 - 3:14en niet meer mensen te doden
-
3:14 - 3:16in grote gebouwen.
-
3:16 - 3:19Dus het principe was op elf september hetzelfde.
-
3:19 - 3:22Het is een tragische gebeurtenis,
-
3:22 - 3:25maar het is beter om een iemand te doden zodat er vijf kunnen blijven leven.
-
3:25 - 3:31Is dat de reden die de meesten van jullie hebben, van de mensen die zouden draaien, ja?
-
3:31 - 3:33Laten we nu aanhoren
-
3:33 - 3:34van
-
3:34 - 3:36hen in de minderheid
-
3:36 - 3:41zij die niet zouden sturen.
-
3:41 - 3:46Nou, ik denk dat dezelfde mentaliteit genocide en totalitarisme rechtvaardigd.
-
3:45 - 3:50Teneinde een ras te redden, roei je een ander ras uit.
-
3:50 - 3:53Dus wat je zou doen in dit geval?
-
3:53 - 3:55Jij zou, om
-
3:55 - 3:58de verschrikkingen van genocide te voorkomen
-
3:58 - 4:04tegen de vijf aanrijden en ze doden?
-
4:04 - 4:08Vermoedelijk, ja.
-
4:08 - 4:10OK, wie nog meer?
-
4:10 - 4:14Dat is een moedig antwoord, dank je.
-
4:14 - 4:16Laten we nog een
-
4:17 - 4:20tramwagensituatie beschouwen.
-
4:20 - 4:22en kijken
-
4:22 - 4:24of
-
4:24 - 4:27degenen in de meerderheid
-
4:27 - 4:31zich aan het principe willen houden.
-
4:31 - 4:34"Beter om een te doden zodat vijf kunnen leven."
-
4:34 - 4:39Deze keer ben je niet de bestuurder van de tramwagen, maar je bent een toeschouwer
-
4:39 - 4:43die op een brug staat met uizicht over het tramspoor.
-
4:43 - 4:46En over het spoor komt een tramwagen
-
4:46 - 4:50Aan het eind van het spoor zijn vijf arbeiders.
-
4:50 - 4:52De remmen werken niet
-
4:52 - 4:56De tramwagen staat op het punt in te rijden op de vijf en ze te doden.
-
4:56 - 4:57En nu
-
4:57 - 4:59ben je niet de bestuurder
-
4:59 - 5:01je voelt je echt hulpeloos
-
5:01 - 5:03tot je ziet
-
5:03 - 5:07dat er naast je staat,
-
5:07 - 5:09leunend over
-
5:09 - 5:10de brug,
-
5:10 - 5:17een hele dikke man.
-
5:17 - 5:20En je zou hem
-
5:20 - 5:23een flinke duw kunnen geven
-
5:23 - 5:25waardoor hij over de brug
-
5:25 - 5:28op het spoor zou vallen
-
5:28 - 5:30precies op het pad van
-
5:30 - 5:32de tramwagen.
-
5:32 - 5:33Hij zou sterven,
-
5:33 - 5:39maar hij zou de andere vijf redden.
-
5:39 - 5:41Nu, hoeveel van jullie zouden
-
5:41 - 5:48de dikke man van de brug duwen? Steek je hand omhoog.
-
5:48 - 5:51Wie van jullie zou dat niet doen?
-
5:51 - 5:54De meesten zouden het niet doen.
-
5:54 - 5:56Hier is de voor de hand liggende vraag,
-
5:56 - 5:57wat is er gebeurd
-
5:57 - 6:00met het principe
-
6:00 - 6:05"Het is beter om vijf levens te redden, zelfs als je er daar een voor moet opofferen."
-
6:05 - 6:07Wat is er met het principe gebeurd dat vrijwel iederen
-
6:07 - 6:09ondersteunde in het eerste geval.
-
6:09 - 6:13Ik wil van iemand horen die in de meerderheid zat
-
6:13 - 6:14in beide gevallen.
-
6:14 - 6:18Hoe verklaar je het verschil tussen de twee?
-
6:18 - 6:22In het tweede geval gaat het om een actieve keuze
-
6:22 - 6:23om een persoon de duwen
-
6:23 - 6:24naar beneden
-
6:24 - 6:25ik denk dat
-
6:25 - 6:30die persoon anders helemaal niet bij de situatie betrokken zou zijn
-
6:30 - 6:31en dus
-
6:31 - 6:34om voor hem te kiezen is
-
6:34 - 6:37om
-
6:37 - 6:40hem te betrekken in iets waar hij anders aan zou zijn ontkomen
-
6:40 - 6:42is denk ik meer dan
-
6:42 - 6:44wat je en het eerste geval zou doen,
-
6:44 - 6:46waar de drie partijen, de bestuurder en
-
6:46 - 6:48de twee groepen arbeiders
-
6:48 - 6:51zich al in de situatie bevinden.
-
6:51 - 6:55Maar de man die aan het werken is, degene op het zijspoor
-
6:55 - 7:02die koos er toch niet voor om zijn leven te offeren, evenmin als de dikke man, of wel?
-
7:02 - 7:05Dat is waar, maar hij was op het spoor.
-
7:05 - 7:10Deze man bevond zich op de brug.
-
7:10 - 7:14Ga je gang, je mag terugkomen als je wil.
-
7:14 - 7:15Goed, het is een moeilijke vraag,
-
7:15 - 7:19maar je deed het heel goed. Het is een moeilijke vraag.
-
7:20 - 7:21Wie nog meer
-
7:21 - 7:23kan
-
7:23 - 7:26een manier vinden om de reactie
-
7:26 - 7:30van de meerderheid in deze twee situaties te verzoenen? Ja?
-
7:30 - 7:32Ik denk
-
7:32 - 7:33in het eerste geval waar
-
7:33 - 7:35je de ene werker hebt en de andere vijf
-
7:35 - 7:37het een keuze is tussen die twee en je moet
-
7:37 - 7:41een keuze maken want er zullen mensen sterven door de tramwagen.
-
7:41 - 7:45Niet noodzakelijk door je directe handelingen. De tramwagen is op hol geslagen
-
7:45 - 7:48en je moet snel een beslissing maken.
-
7:48 - 7:53Terwijl het duwen van de dikke man een bewuste keuze tot moord aan jouw kant is.
-
7:53 - 7:54Daar heb je controle over,
-
7:54 - 7:57terwijl je geen controle over de tramwagen hebt.
-
7:57 - 8:00Dus ik denk dat het een enigszins andere situatie is.
-
8:00 - 8:04Goed, wie heeft er een reactie? Nee dat was goed, wie heeft er,
-
8:04 - 8:06wie wil reageren?
-
8:06 - 8:09Is dat een uitweg?
-
8:09 - 8:12Ik denk niet dat dat een goede reden is omdat je
-
8:12 - 8:17in beide gevallen kiest en je moet kiezen wie er doodgaat omdat je bewust draait en iemand doodt,
-
8:17 - 8:18wat een bewuste
-
8:18 - 8:20overweging tot draaien is,
-
8:20 - 8:21of je kiest ervoor om de dikke man te duwen,
-
8:21 - 8:24wat ook een actieve
-
8:24 - 8:28bewuste handeling is dus je moet hoe dan ook een keuze maken.
-
8:28 - 8:30Wil jij reageren?
-
8:30 - 8:34Ik weet niet zeker of dat het geval is, het lijkt nog steeds verschillend, de daad om iemand
-
8:34 - 8:38echt op het spoor te duwen en te doden.
-
8:38 - 8:43Je vermoordt hem echt zelf, je duwt hem met je eigen handen
-
8:43 - 8:44en dat is anders dan
-
8:44 - 8:47iets sturen wat iemands dood zal verzoorzaken
-
8:47 - 8:49naar een ander...
-
8:49 - 8:53Het voelt niet echt goed nu ik hier sta en het zeg.
-
8:53 - 8:55nee, dat is goed, wat is je naam?
-
8:55 - 8:56Andrew.
-
8:56 - 9:00Andrew. Laat me je deze vraag stellen Andrew,
-
9:00 - 9:02stel
-
9:02 - 9:04staand op de brug
-
9:04 - 9:05naast de dikke man
-
9:05 - 9:08stel ik zou hem niet hoeven te duwen, stel dat hij op een
-
9:08 - 9:15valluik zou staan dat ik zou kunnen openen door een stuurwiel te draaien.
-
9:17 - 9:19Zou jij het draaien?
-
9:19 - 9:21Om een of andere reden lijkt dat nog steeds
-
9:21 - 9:24meer onjuist.
-
9:24 - 9:30Ik bedoel misschien als je gewoon per ongeluk tegen het stuur zou leunen of zoiets.
-
9:30 - 9:31Maar,
-
9:31 - 9:33of zeg dat de wagen
-
9:33 - 9:38richting een schakelaar rijdt die het luik zou openen,
-
9:38 - 9:39dan zou ik het er mee eens kunnen zijn.
-
9:40 - 9:42Eerlijk genoeg, het lijkt nog steeds
-
9:42 - 9:46fout op een manier waarop het niet fout leek in het eerste geval om te draaien, volgens jou.
-
9:46 - 9:50Een op een andere manier,
-
9:50 - 9:52en het tweede geval ben je ook een toeschouwer.
-
9:52 - 9:57Dus je hebt de keuze om betrokken te raken door de dikke man te duwen of niet.
-
9:57 - 10:00Laten we voorlopig deze situatie vergeten,
-
10:00 - 10:01goed gedaan,
-
10:01 - 10:06maar laten we ons nu een andere situatie voorstellen. Deze keer ben je een arts op een eerste hulp afdeling
-
10:06 - 10:12en zes patiënten komen naar je toe.
-
10:12 - 10:18Ze hebben een verschrikkelijk ongeluk gehad met een tramwagen.
-
10:18 - 10:24Vijf van hen hebben matig letsel, en een van hen is ernstig gewond en je zou de hele dag
-
10:24 - 10:28voor het ene ernstig gewonde slachtoffer kunnen zorgen,
-
10:28 - 10:32maar in die tijd zouden de andere vijf sterven, of je zou de andere vijf kunnen genezen, maar
-
10:32 - 10:35in die tijd zou de ernstig gewonde
-
10:35 - 10:36persoon sterven.
-
10:36 - 10:38Hoeveel zouden
-
10:38 - 10:40de vijf redden
-
10:40 - 10:41als je de dokter was?
-
10:41 - 10:44Hoeveel zouden de ene persoon redden?
-
10:44 - 10:46Heel weinig mensen,
-
10:46 - 10:49slechts een handvol mensen.
-
10:49 - 10:51Dezelfde reden neem ik aan,
-
10:51 - 10:56een leven tegenover vijf.
-
10:56 - 10:57Stel nu
-
10:57 - 10:59een andere doktersituatie
-
10:59 - 11:02deze keer ben je een transplantatie chirurg
-
11:02 - 11:06en je hebt vijf patiënten die ieder dringend
-
11:06 - 11:10een orgaantransplantatie nodig hebben om te kunnen blijven leven.
-
11:10 - 11:12Een persoon heeft een hart nodig, een persoon een long,
-
11:12 - 11:14een persoon een nier,
-
11:14 - 11:15een persoon een lever,
-
11:15 - 11:17en de vijfde
-
11:17 - 11:20een alvleesklier.
-
11:20 - 11:23En je hebt geen orgaandonoren.
-
11:23 - 11:25Je staat op het punt
-
11:25 - 11:28om ze te zien sterven
-
11:28 - 11:29wanneer
-
11:29 - 11:31het in je opkomt
-
11:31 - 11:32dat in de andere kamer
-
11:32 - 11:36een gezonde man is die langskwam voor een controle.
-
11:39 - 11:44En hij is,
-
11:44 - 11:47adat vind je leuk,
-
11:47 - 11:51en hij is een dutje aan het doen.
-
11:53 - 11:57Je zou heel stilletjes naar binnen kunnen gaan,
-
11:57 - 12:01de vijf organen eruit kunnen rukken, die persoon zou sterven,
-
12:01 - 12:03maar je zou de vijf kunnen redden.
-
12:03 - 12:10Wie van jullie zou het doen? Iemand?
-
12:10 - 12:17Hoeveel? Steek je handen omhoog als je het zou doen.
-
12:18 - 12:22Iemand op het balkon?
-
12:22 - 12:24Jij zou het doen? Pas op dat je niet te ver naar voren leunt.
-
12:26 - 12:29Wie zou het niet doen?
-
12:29 - 12:30Goed.
-
12:30 - 12:34Wat zou je zeggen, laat je horen op het balkon, jij die
-
12:34 - 12:36de organen zou verwijderen, waarom?
-
12:36 - 12:39Ik zou een enigszins veranderde
-
12:39 - 12:40mogelijkheid wil onderzoeken waarbij je
-
12:40 - 12:44organen van een van de vijf die het eerst sterft
-
12:44 - 12:50zou gebruiken en de vier andere organen zou gebruiken om de andere vier te redden.
-
12:50 - 12:55Dat is best een goed idee.
-
12:55 - 12:58Dat is een geweldig idee
-
12:58 - 13:00op het feit na
-
13:00 - 13:06dat je zojuist het hele filosofische punt te gronde hebt gericht.
-
13:06 - 13:07Laten we een stapje terug doen
-
13:07 - 13:10van deze verhalen en argumenten
-
13:10 - 13:13om een paar dingen op te merken
-
13:13 - 13:18over de manier waarop de argumenten naar boven kwamen.
-
13:18 - 13:19Zekere
-
13:19 - 13:20morele principes
-
13:20 - 13:23beginnen al omhoog te komen
-
13:23 - 13:26in de discussies die we gehad hebben
-
13:26 - 13:28en laten we nagaan
-
13:28 - 13:30hoe die morele principes
-
13:30 - 13:31er uitzien.
-
13:31 - 13:36Het eerste morele principe dat naar boven kwam in de discussie zei
-
13:36 - 13:39dat het juiste om te doen, het morele om te doen,
-
13:39 - 13:43af hangt van de gevolgen die resulteren
-
13:43 - 13:45uit je handelingen.
-
13:45 - 13:47Uiteindelijk
-
13:47 - 13:49is het beter dat er vijf blijven leven
-
13:49 - 13:52zelfs als er een moet sterven.
-
13:52 - 13:54Dat is een voorbeeld
-
13:54 - 13:56van een consequentialistische
-
13:56 - 13:59morele redenering.
-
13:59 - 14:04Consequentialistische morele redenering vestigt de moraliteit van een daad in diens gevolgen. In de staat van de
-
14:04 - 14:07wereld die het gevolg is
-
14:07 - 14:09van hetgeen je doet.
-
14:09 - 14:13Maar toen gingen we iets verder, we beschouwden die andere situaties
-
14:13 - 14:15en mensen waren niet zo zeker
-
14:15 - 14:17van
-
14:17 - 14:21consequentialistische morele redenatie.
-
14:21 - 14:22Toen mensen twijfelden.
-
14:22 - 14:24over het duwen van de dikke man
-
14:24 - 14:26van de brug
-
14:26 - 14:29of over het verqwijderen van de organen van de onschuldige
-
14:29 - 14:30patiënt
-
14:30 - 14:32gebaarden mensen in de richting van
-
14:32 - 14:34redenen
-
14:34 - 14:35die te maken hadden
-
14:35 - 14:37met de intrinsieke
-
14:37 - 14:39waarde van de handeling
-
14:39 - 14:41op zichzelf.
-
14:41 - 14:43Gevolgen zijn wat ze mogen zijn.
-
14:43 - 14:45Mensen waren onwillig
-
14:45 - 14:48mensen dachten dat het gewoon fout was
-
14:48 - 14:49categorisch fout
-
14:49 - 14:50om
-
14:50 - 14:51een persoon te doden
-
14:51 - 14:54een onschuldig persoon
-
14:54 - 14:55zelfs omwille
-
14:55 - 14:56van het redden
-
14:56 - 14:58van vijf levens. Deze mensen dachten dat in ieder geval
-
14:58 - 15:01in de tweede versie
-
15:01 - 15:05van ieder verhaal dat we beschouwden.
-
15:05 - 15:07Dit wijst in de richting
-
15:07 - 15:10van een tweede
-
15:10 - 15:11categorische
-
15:11 - 15:13manier
-
15:13 - 15:15van denken over
-
15:15 - 15:16moreel redeneren.
-
15:16 - 15:22Categorische morele redenatie plaatst moraliteit in zeker absolute morele eisen,
-
15:22 - 15:24zekere categorische plichten en rechten
-
15:24 - 15:27ongeacht de gevolgen.
-
15:27 - 15:29We zullen uitzoeken
-
15:29 - 15:33in de dagen en weken die volgen, het contract tussen
-
15:33 - 15:37consequentialiastische en categorische morele principes.
-
15:37 - 15:38Het meest invloedrijke
-
15:38 - 15:40voorbeeld
-
15:40 - 15:46van consequentialistsch moreel redenere is utilitarianisme, een doctrine verzonnen door
-
15:46 - 15:51Jeremy Bentham, de achttiende eeuwse Engelse politieke filosoof.
-
15:51 - 15:54De belangrijkste
-
15:54 - 15:57filosoof in het categorische morele redeneren
-
15:57 - 15:58is de
-
15:58 - 16:03achttiende eeuwse Duitse filosoof Immanuel Kant.
-
16:03 - 16:04Dus we gaan kijken
-
16:04 - 16:07naar deze verschillende wijzen van moreel denken.
-
16:07 - 16:08We gaan hun waarde inschatten.
-
16:08 - 16:11En ook andere beschouwen.
-
16:11 - 16:16Als je naar de syllabus kijkt, zul je zien dat we een aantal belangrijke en beroemde boeken gaan lezen.
-
16:16 - 16:18Boeken van Aristoteles
-
16:18 - 16:20John Locke
-
16:20 - 16:22Immanuel Kant, John Stuart Mill,
-
16:22 - 16:24en anderen.
-
16:24 - 16:28Je zult in de syllabus zien dat we deze boeken niet alleen gaan lezen,
-
16:28 - 16:30maar we gaan ook
-
16:30 - 16:32bekijken
-
16:32 - 16:37huisidge politieke en juridische controverses bekijken die filosofische vragen oproepen.
-
16:37 - 16:40We over zullen gelijkheid en ongelijkheid debatteren.
-
16:40 - 16:41Over positieve discriminatie,
-
16:41 - 16:44vrijheid van meningsuiting versus haatzaaierij,
-
16:44 - 16:47het homohuwelijk, militaire dienstplicht,
-
16:47 - 16:51een aantal praktische vragen
- Title:
- Justice: What's The Right Thing To Do? Episode 01 "THE MORAL SIDE OF MURDER"
- Description:
-
more » « less
PART ONE: THE MORAL SIDE OF MURDER
If you had to choose between (1) killing one person to save the lives of five others and (2) doing nothing even though you knew that five people would die right before your eyes if you did nothing—what would you do? What would be the right thing to do? Thats the hypothetical scenario Professor Michael Sandel uses to launch his course on moral reasoning. After the majority of students votes for killing the one person in order to save the lives of five others, Sandel presents three similar moral conundrums—each one artfully designed to make the decision more difficult. As students stand up to defend their conflicting choices, it becomes clear that the assumptions behind our moral reasoning are often contradictory, and the question of what is right and what is wrong is not always black and white.PART TWO: THE CASE FOR CANNIBALISM
Sandel introduces the principles of utilitarian philosopher, Jeremy Bentham, with a famous nineteenth century legal case involving a shipwrecked crew of four. After nineteen days lost at sea, the captain decides to kill the weakest amongst them, the young cabin boy, so that the rest can feed on his blood and body to survive. The case sets up a classroom debate about the moral validity of utilitarianism—and its doctrine that the right thing to do is whatever produces "the greatest good for the greatest number."
- Video Language:
- English
- Team:
PACE
- Duration:
- 54:56