Dutch subtitles

← Hoe technologie ons kan behoeden voor interrupties

Get Embed Code
27 Languages

Showing Revision 8 created 07/03/2016 by Axel Saffran.

  1. Wat betekent het
    om je tijd goed te besteden?
  2. Ik besteed een hoop tijd
  3. aan het bedenken
    wat ik met mijn tijd zal doen.
  4. Waarschijnlijk te veel --
    op het obsessieve af.
  5. Mijn vrienden denken van wel.
  6. Maar ik moet wel, heb ik het gevoel,
  7. want het is tegenwoordig net
    alsof ik steeds stukjes tijd kwijtraak
  8. en als dat gebeurt, voelt het
    alsof ik stukjes van mijn leven kwijtraak.
  9. Om precies te zijn

  10. voelt het alsof ik
    kleine stukjes tijd kwijtraak
  11. aan dingen zoals dit,
  12. zoals technologie -- ik check dingen.
  13. Ik geef een voorbeeld.
  14. Als je dit bericht krijgt --
  15. hoevelen van jullie krijgen
    berichten als deze?
  16. Ik ben getagd in een foto.
  17. Als ik dit krijg,
  18. moet ik er wel direct op klikken.
  19. Toch? Stel dat het een slecht foto is!
  20. Dus ik moet er direct op klikken.
  21. Maar ik ga niet alleen maar
    op 'Zie foto' klikken,
  22. wat ik feitelijk ga doen is
    20 minuten verkwanselen.
  23. (Gelach)

  24. Het ergste is dat ik weet
    dat dit gaat gebeuren

  25. en zelfs het volle besef
    dat dit gaat gebeuren
  26. weerhoudt mij er niet van
    om het de volgende keer weer te doen.
  27. Of het gebeurt me
  28. dat ik mijn e-mail check
    en de gegevens laat verversen.
  29. Maar dan 60 seconden later
  30. laat ik hem opnieuw verversen.
  31. [Oh ja? Dat heb je toch net al gedaan?]
  32. Waarom doe ik dat?
  33. Dat is toch gek?
  34. Ik zal je een hint geven
    waarom dat gebeurt.

  35. Waarmee denk je dat in de VS
    meer geld wordt verdiend
  36. dan met films, recreatieparken
    en honkbal bij elkaar?
  37. Fruitautomaten.
  38. Hoe kunnen fruitautomaten
    zoveel geld opleveren
  39. als we met zulke kleine bedragen spelen?
  40. Met muntstukjes!
  41. Hoe kan dat?
  42. Het punt is ...
  43. mijn telefoon is een fruitautomaat.
  44. Iedere keer als ik mijn telefoon check,
  45. speel ik met de fruitautomaat
  46. om te zien wat ik krijg.
  47. Wat krijg ik?
  48. Iedere keer als mijn e-mail check,
  49. speel ik met de fruitautomaat
  50. en vraag: "Wat krijg ik?"
  51. Iedere keer als ik
    nieuwe berichten naloop,
  52. speel ik de fruitmachine
  53. om te zien wat ik nu weer krijg.
  54. Het punt is opnieuw
    dat hoewel ik weet hoe dit werkt
  55. -- en ik ben ontwerper,
    ik ken de psychologie hierachter,
  56. ik weet precies wat hier speelt --
  57. maar ik heb gewoon geen keus,
  58. ik word er gewoon ingezogen.
  59. Wat gaan we eraan doen?

  60. Want dit plaatst ons
    in een alles-of-niets-relatie
  61. met technologie, toch?
  62. Je staat aan
  63. en je bent bereikbaar
    en voortdurend afgeleid,
  64. of je staat uit,
  65. maar dan vraag je je af
  66. of je niet iets belangrijks mist.
  67. In andere woorden: je bent ofwel afgeleid,
  68. ofwel bang dat je iets mist.
  69. Toch?
  70. We moeten de keuze weer hebben.

  71. We willen een relatie met technologie
  72. die ons de keuze teruggeeft
    hoe we er tijd aan willen besteden
  73. en we zullen hulp
    van ontwerpers nodig hebben,
  74. want dat we het weten, helpt niet.
  75. We hebben ontwerphulp nodig.
  76. Hoe zou dat eruit zien?
  77. Laten we een voorbeeld nemen
    dat we allemaal kennen:

  78. chatten -- tekstberichtjes.
  79. Stel, er zijn twee mensen.
  80. Nancy, links, werkt aan een document,
  81. en rechts is John.
  82. John herinnert zich plotseling:
  83. ik moet Nancy om dat document vragen,
    voor ik het vergeet.
  84. Wanneer hij haar dat bericht stuurt,
  85. is haar concentratie verstoord.
  86. Dat doen we voortdurend,

  87. we schuiven elkaars concentratie
    achteloos aan de kant.
  88. Dat kost meer dan we denken,
  89. want iedere keer dat we
    elkaar interrumperen,
  90. kost het gemiddeld 23 minuten
  91. om die concentratie weer op te bouwen.
  92. We kijken nog twee andere projecten door,
  93. voordat we weer terug zijn
    bij waar we eigenlijk mee bezig waren.
  94. Gloria Mark's onderzoek
    gecombineerd met Microsoft's onderzoek
  95. heeft dit aangetoond.
  96. Ze laat ook zien dat het feitelijk
    slechte eigenschappen aanleert.
  97. Hoe vaker we van buitenaf
    worden onderbroken,
  98. des te meer we aanleren
    om onszelf te onderbreken.
  99. We onderbreken onszelf
    iedere drie en een halve minuut.
  100. Waanzin.

  101. Wat doen we eraan?
  102. Nancy en John hebben tenslotte
    deze alles-of-niets-relatie.
  103. Nancy wil misschien wel
    het contact verbreken,
  104. maar dan zou ze zich afvragen
    of ze iets belangrijks miste.
  105. Ontwerp kan dit probleem oplossen.

  106. Stel je hebt Nancy weer links
  107. en John rechts.
  108. John herinnert zich:
    ik moet Nancy dat document sturen.
  109. Alleen deze keer
  110. kan Nancy aangeven
    dat ze geconcentreerd is.
  111. Stel ze kan in een venster aangeven:
  112. "Ik ben 30 minuten geconcentreerd",
  113. en -- hup -- ze heeft rust.
  114. Als John haar nu wil berichten,
  115. kan hij zijn bericht wel kwijt
  116. -- hij heeft nu eenmaal de behoefte
  117. om die gedachte vast te leggen
    voor hij hem vergeet.
  118. Alleen deze keer
  119. worden de berichten bewaard,
    zodat Nancy zich kan concentreren,
  120. maar John kan wel zijn ei kwijt.
  121. Dit werkt echter alleen
    onder de voorwaarde

  122. dat Nancy weet dat als er
    iets echt belangrijks is,
  123. John altijd nog kan interrumperen.
  124. Maar in plaats van voortdurende
    toevallige of ondoordachte onderbrekingen,
  125. plaatsen we nu alleen nog
    bewuste onderbrekingen.
  126. We doen dus twee dingen.

  127. We introduceren een nieuwe keuze
    voor zowel Nancy als John,
  128. maar er is nog een tweede,
    subtielere verandering.
  129. We veranderen namelijk
    de vraag die we beantwoorden.
  130. In plaats van dat het doel is:
  131. "Het moet zo gemakkelijk mogelijk zijn
    om een bericht te sturen" --
  132. dat is het doel van chatten,
  133. dat het heel gemakkelijk is
    om een bericht te zenden --
  134. veranderen we het doel
    naar iets diepers, iets menselijkers,
  135. en wel: "Hoe creëren we communicatie
    van de hoogst mogelijke kwaliteit
  136. in een relatie tussen twee mensen?"
  137. We hebben het doel dus verbeterd.
  138. Kan ontwerpers dit eigenlijk iets schelen?

  139. Zitten we te wachten op discussies
    over wat die diepere doelen zijn?
  140. Ik zal je een verhaal vertellen.
  141. Iets meer dan een jaar geleden
  142. mocht ik een bijeenkomst
    helpen organiseren
  143. tussen wat technologische top-ontwerpers
    en Thich Nhat Hanh.
  144. Thich Nhat Hanh is een internationaal
    woordvoerder voor mindfulness-meditatie.
  145. Het was een waanzinnige bijeenkomst.
  146. Stel je voor -- een ruimte --
  147. aan de ene kant van de ruimte
    zit een stel techneuten;
  148. aan de andere kant
  149. zit een stel lange bruine pijen,
    kale koppen, boeddhistische monniken.
  150. En het ging over de diepste
    menselijke waarden:
  151. hoe ziet de toekomst van technologie eruit
  152. als je ontwerpt
    voor de diepzinnigste vragen
  153. en de diepste menselijke waarden?
  154. De discussie concentreerde zich
    op het beter luisteren
  155. naar wat die waarden kunnen zijn.
  156. Hij grapte tijdens het gesprek
  157. om in plaats van de spelling te checken
  158. de compassie te checken,
  159. dat je een wellicht krenkend woord
    zou kunnen laten oplichten --
  160. door iemand anders als krenkend ervaren.
  161. Wordt een dergelijke discussie
    ook gevoerd in de echte wereld,

  162. niet alleen in ontwerpbijeenkomsten?
  163. Het antwoord is ja
  164. en een van mijn favorieten
    is Couchsurfing.
  165. Als je het niet kent,
    Couchsurfing is een website
  166. die mensen die een slaapplaats zoeken
  167. in contact brengt met iemand
    die ze een sofa kan bieden.
  168. Mooie service,

  169. wat zou hun ontwerpdoel zijn?
  170. Waar ontwerp je voor
    als je bij Couchsurfing werkt?
  171. Je zou denken: om vragers
    aan aanbieders te koppelen.
  172. Toch?
  173. Dat is een mooi streven.
  174. Maar dat zou lijken
    op ons streven bij het chatten,
  175. waar we enkel probeerden
    een bericht af te leveren.
  176. Wat is het diepere menselijke doel?

  177. Zij hebben zich ten doel gesteld
  178. blijvende positieve ervaringen
    en relaties te creëren
  179. tussen mensen die elkaar
    nog nooit hebben ontmoet.
  180. Het meest verbazingwekkende
    hiervan was dat ze in 2007
  181. een manier introduceerden om dit te meten.
  182. Niet te geloven.
  183. Het werkt zo.
  184. Voor elk ontwerpdoel
  185. moet je een bijbehorend
    meetinstrument hebben
  186. om te weten of het werkt --
  187. een manier om je succes te meten.
  188. Zij doen het als volgt:
  189. stel twee mensen ontmoeten elkaar,
  190. zij nemen dan het aantal dagen
    dat die twee samen doorbrengen
  191. en ze schatten hoeveel uren
    er in die dagen zaten --
  192. hoeveel uur per dag
    brachten ze samen door.
  193. En nadat ze die tijd samen doorbrachten,
  194. vragen ze aan beiden:
  195. "Hoe positief was je ervaring?
  196. Had je een goede ervaring
    met de persoon die je ontmoet hebt?"
  197. Van die positieve uren trekken ze af
  198. hoeveel tijd de mensen
    aan die website kwijtwaren,
  199. want dat kost de mensen tijd.
  200. Waarom zouden we dat als succes waarderen?
  201. En wat je overhoudt
  202. noemen ze dan 'netto
    gegenereerde gezelligheid',
  203. ofwel gewoon gecreëerde 'leuke tijd'.
  204. De netto uren die er nooit waren geweest
    als er geen Couchsurfing was geweest.
  205. Kun je je voorstellen
    hoe inspirerend het zou zijn

  206. om iedere dag naar je werk te komen
    en je succes af te meten
  207. aan de daadwerkelijke nieuwe toevoeging
    van positieve uren in iemands leven
  208. die nooit bestaan zouden hebben
  209. als jij niet zou doen
    wat je vandaag op kantoor gaat doen?
  210. Stel je voor dat de hele
    wereld zo zou werken.
  211. Kun je je een sociaal netwerk voorstellen

  212. -- laten we zeggen dat je graag kookt,
  213. en dat het zijn succes afmat
    aan het aantal georganiseerde kookavonden
  214. en de kookartikelen
    die je met plezier las,
  215. met aftrek van de artikelen
    die je tegenstonden
  216. of de tijd die je besteed
    aan vervelend scrollen?
  217. Stel je een professioneel
    sociaal netwerk voor
  218. dat in plaats van zijn succes af te meten
    aan het aantal gerealiseerde connecties
  219. of verstuurde berichten,
  220. zijn succes zou afmeten
    aan banen die mensen aangeboden kregen
  221. waar ze enthousiast over waren.
  222. Met aftrek van de tijd
    dat ze de website bezochten.
  223. Of stel dat dating-diensten,
  224. zoals bijvoorbeeld Tinder,
  225. niet zouden kijken naar het aantal
    vluchtige beoordelingen,
  226. waar ze op dit moment succes aan afmeten,
  227. maar zouden kijken naar gerealiseerde
    romantische, betekenisvolle relaties.
  228. Wat dat ook voor hen betekende, trouwens.
  229. Maar stel je voor
    dat de hele wereld zo zou werken,

  230. dat je werd geholpen
    je tijd nuttig te besteden.
  231. Je hebt hiervoor
    ook een ander systeem nodig,
  232. want je denkt waarschijnlijk al
  233. dat de huidige internet-economie --
  234. de huidige economie sowieso --
  235. wordt gemeten in bestede tijd.
  236. Hoe meer gebruikers,
  237. hoe meer gebruik,
  238. hoe meer tijd besteed,
  239. zo meten we succes.
  240. Maar we hebben dit probleem
    eerder opgelost.

  241. We losten het op voor 'biologisch',
  242. toen we zeiden dat we dingen
    anders moesten waarderen.
  243. We zeiden: "Dit is
    een ander soort voedsel.
  244. We kunnen dus niet domweg
    de prijs vergelijken;
  245. dit is een andere categorie voedsel."
  246. We losten het op voor LEED-certificatie,
  247. waar we zeiden:
    "Dit is een ander type gebouw,
  248. dat staat voor andere waarden
    en voor duurzaamheid."
  249. Als we nu eens zoiets
    hadden voor technologie?

  250. Als we nu eens iets hadden
    wat er uitsluitend op gericht was
  251. om nieuwe, positieve aspecten
    aan een mensenleven toe te voegen?
  252. Als we dat nu eens
    anders konden waarderen,
  253. zodat het echt zou kunnen slagen?
  254. Stel dat het een voorkeursbehandeling
    zou krijgen op app-stores.
  255. Stel dat je web-browsers had
    die je zouden helpen
  256. dat soort speciale producten te vinden.
  257. De gedachte alleen al om die wereld
    te creëren en erin te leven!
  258. We kunnen die wereld vandaag nog creëren.

  259. Leiders van bedrijven,
    jullie hoeven alleen maar --
  260. alleen jullie kunnen
    dat soort prioriteiten veranderen:
  261. prioriteit geven aan een netto-positieve
    bijdrage aan het menselijk bestaan.
  262. En om er een eerlijke
    discussie over te hebben.
  263. Misschien niet gemakkelijk
    om mee te beginnen,
  264. maar laat die discussie beginnen.
  265. Ontwerpers, jullie kunnen succes
    en ontwerp opnieuw definiëren.

  266. Jullie hebben misschien wel meer macht
    dan de meesten in jullie organisatie
  267. om de de alternatieven te creëren
    waaruit wij kunnen kiezen.
  268. In de gezondheidszorg
  269. hebben we de Eed van Hippocrates
  270. die ons wijst op onze verantwoordelijkheid
  271. om patiënten te behandelen.
  272. Als ontwerpers dat nu ook eens hadden,
  273. inzake dat nieuwe type ontwerpen.
  274. En gebruikers, wij allemaal --

  275. wij kunnen erop staan
    dat technologie op deze manier werkt.
  276. Het mag moeilijk lijken,
  277. maar McDonalds had geen salades
    tot de klanten erom vroegen.
  278. Walmart had geen biologische producten
    tot de klanten erom vroegen.
  279. We moeten dat soort
    nieuwe technologie eisen.
  280. En dat kunnen we.
  281. Als we dat doen
  282. zal dat een verschuiving betekenen
  283. van een wereld die draait
    om besteedde tijd
  284. naar een wereld die draait
    om goed besteedde tijd.
  285. Ik wil leven in die wereld

  286. en ik wil die discussie op gang helpen.
  287. Laten we er nu mee beginnen.
  288. Dankjewel.

  289. (Applaus)