Dutch subtitles

← De morele subjectiviteit in je zoekresultaten

Get Embed Code
36 Languages

Showing Revision 9 created 12/18/2015 by Peter van de Ven.

  1. Wanneer ik een school bezoek
    en praat met studenten,
  2. vraag ik hun altijd hetzelfde:
  3. Waarom googel je?
  4. Waarom is Google
    dé zoekmachine van jouw keuze?
  5. Vreemd genoeg krijg ik altijd
    dezelfde drie antwoorden.
  6. Een: "Omdat het werkt",
  7. wat een prima antwoord is;
    daarom googel ik ook.
  8. Twee, er is altijd iemand die zegt:
  9. "Ik ken eigenlijk geen alternatieven."
  10. Dat is geen goed antwoord.
  11. Ik zeg dan meestal:
    "Googel eens het woord 'zoekmachine',
  12. je vindt misschien een paar
    interessante alternatieven."
  13. En tenslotte, ten derde,
  14. steekt er onvermijdelijk een student
    zijn of haar hand op en zegt:
  15. "Met Google krijg ik gegarandeerd altijd
    het beste, objectieve zoekresultaat."
  16. 'Krijg ik gegarandeerd altijd
    het beste, objectieve zoekresultaat.'
  17. Als menswetenschapper,

  18. ofschoon een digitale menswetenschapper,
  19. krijg ik daar krullende tenen van.
  20. Hoewel ik ook besef dat dat vertrouwen,
    dat idee van objectieve zoekresultaten,
  21. een hoeksteen is in onze collectieve
    liefde en waardering voor Google.
  22. Ik zal je laten zien waarom dat
    filosofisch gezien bijna onmogelijk is.
  23. Laat ik eerst wat dieper ingaan
    op een basisprincipe achter elke zoekvraag

  24. dat we soms vergeten.
  25. Wanneer je iets wil googelen,
  26. vraag jezelf dan eerst af:
    zoek ik een geïsoleerd feit?
  27. Wat is de hoofdstad van Frankrijk?
  28. Wat zijn de bouwstenen
    van een watermolecule?
  29. Prima! Googelen maar.
  30. We staan nou niet echt op het punt
    te ontdekken dat het Londen is en H3O.
  31. Er bestaan hierover
    geen grote samenzweringen.
  32. We zijn het er wereldwijd over eens
  33. wat de antwoorden zijn
    inzake deze geïsoleerde feiten.
  34. Maar als je je vraag moeilijker maakt
  35. en iets vraagt als:

  36. "Waarom bestaat er
    een Palestijns-Israelisch conflict?"
  37. Dan zoek je geen eenvoudig feit meer.
  38. Dan zoek je naar kennis,
  39. wat veel gecompliceerder en delicater is.
  40. Om kennis te verkrijgen,
  41. moet je 10, 20 of 100 feiten kennen,
  42. die erkennen en zeggen:
    "Ja, dat is allemaal waar."
  43. Maar door wie ik ben,
  44. jong of oud, blank of donker,
    homo of hetero,
  45. zal ik hen anders waarderen en zeggen:
  46. "Ja, dat is waar, maar dit
    is belangrijker voor mij dan dat."
  47. Daar wordt het interessant,
  48. want hier worden we mensen.
  49. Hier beginnen we te discussiëren,
    vormen we een maatschappij.
  50. Om echt iets te bereiken,
    moeten we hier de feiten filteren,
  51. met vrienden en buren
    en ouders en kinderen
  52. en collega's en kranten en tijdschriften,
  53. om uiteindelijk echte kennis te krijgen;
  54. iets wat je moeilijk
    aan een zoekmachine over kunt laten.
  55. Ik beloofde jullie een voorbeeld
  56. om te tonen waarom het zo moeilijk is

  57. om tot echt objectieve kennis te komen
  58. -- als iets om over na te denken.
  59. Ik zal een paar eenvoudige
    zoekopdrachten doen.
  60. We starten met:
  61. 'Michelle Obama',
    presidentsvrouw van de Verenigde Staten
  62. en we zoeken foto's.
  63. Dat werk heel goed, zoals je ziet.
  64. Praktisch een perfect zoekresultaat.
  65. Het is alleen zij op de foto,
    niet eens de president.
  66. Hoe werkt dit?

  67. Vrij simpel.
  68. Google gebruikt veel trucs
    om dit te bereiken,
  69. maar eenvoudig gesteld
    kijken ze vooral naar twee dingen.
  70. Ten eerste: wat zegt het bijschrift
    onder de foto op de website?
  71. Staat er 'Michelle Obama' onder de foto?
  72. Dat is een goede indicatie dat zij het is.
  73. Ten tweede: Google kijkt naar het bestand.
  74. De naam van het bestand
    zoals het op de website geüpload werd.
  75. Opnieuw: heet het 'MichelleObama.jpeg'?
  76. Dikke kans dat het niet Clint Eastwood is.
  77. Is aan die twee voorwaarden voldaan,
    dan krijg je dit zoekresultaat -- bijna.
  78. In 2009 was Michelle Obama
    slachtoffer van een racistische campagne

  79. waarin mensen haar wilden beledigen
    via de zoekresultaten.
  80. Er werd een foto
    verspreid over het internet,
  81. waarop haar gezicht
    was vervormd tot dat van een aap.
  82. Die foto werd overal gepubliceerd.
  83. Mensen publiceerden die heel, heel bewust
  84. om hem in de zoekresultaten te krijgen.
  85. Ze schreven bewust
    'Michelle Obama' in het bijschrift
  86. en ze uploaden de foto bewust
    als 'MichelleObama.jepg' of zoiets.
  87. Je snapt waarom:
    om het zoekresultaat te manipuleren.
  88. En het werkte ook.
  89. Dus wanneer je in 2009
    'Michelle Obama' googelde,
  90. stond die misvormde aap
    bij de eerste zoekresultaten.
  91. De resultaten zijn zelfreinigend

  92. en dat is de schoonheid ervan.
  93. Google beoordeeld
    de relevantie elk uur, elke dag.
  94. Maar Google vond dat
    deze keer niet genoeg.
  95. Ze dachten: dat is racistisch
    en een slecht zoekresultaat.
  96. We gaan dat terugdraaien
    en manueel corrigeren.
  97. We passen de software aan
    en we lossen het op.
  98. En dat deden ze.
  99. Ik denk niet dat iemand hier
    vindt dat dat een slecht idee was.
  100. Ik ook niet.
  101. Maar dan, een paar jaar later,

  102. deed 's werelds meest gegoogelde Anders,
  103. Anders Behring Breivik,
  104. wat hij deed.
  105. Dat was op 22 juli 2011,
  106. een vreselijke dag
    in de Noorse geschiedenis.
  107. Deze man, een terrorist,
    blies een aantal overheidsgebouwen op,
  108. op wandelafstand hiervandaan
    in Oslo, Noorwegen.
  109. Daarna reed hij naar het eiland Utøya
  110. en beschoot een groep kinderen.
  111. Bijna 80 mensen stierven die dag.
  112. Veel mensen beschrijven deze terreurdaad
    als zijnde twee stappen:

  113. die gebouwen opblazen
    en die kinderen doodschieten.
  114. Dat is niet waar.
  115. Er waren drie stappen.
  116. Hij blies die gebouwen op,
    beschoot die kinderen,
  117. en ging zitten wachten
    tot de wereld hem googelde.
  118. Hij had al die drie stappen
    even goed voorbereid.
  119. Er was iemand die dat
    onmiddellijk begreep.

  120. Dat was een Zweedse webontwikkelaar,
  121. een zoekmachine-optimalisatie-expert
    in Stockholm, genaamd Nikke Lindqvist.
  122. Hij is ook erg politiek ingesteld
  123. en hij was onmiddelijk op sociale media,
    op zijn blog en Facebook,
  124. en hij vertelde iedereen:
  125. "Als er iets is dat die man nu wil,
  126. dan is dat zijn imago controleren.
  127. Laten we eens kijken
    of we dat kunnen verstoren.
  128. Laten we kijken of de beschaafde wereld
    kan protesteren tegen wat hij deed
  129. door hem te beledigen
    in de zoekresultaten."
  130. Hoe?

  131. Hij vertelde al zijn lezers het volgende:
  132. "Ga op het internet,
  133. zoek foto's van hondenpoep op de stoep,
  134. zoek foto's van hondenpoep op de stoep,
  135. publiceer die in jullie feed,
    op jullie websites en op jullie blogs.
  136. Vergeet niet de naam van de terrorist
    in het bijschrift te noemen,
  137. en noem het bestand 'Breivik.jpeg'.
  138. Laten we Google leren dat dat
    het gezicht is van de terrorist."
  139. En het werkte.
  140. Twee jaar na de campagne
    tegen Michelle Obama,
  141. werke deze manipulatiecampagne
    tegen Anders Behring Breivik.
  142. Als je na de gebeurtenissen van 22 juli
    op Google naar zijn afbeelding zocht,
  143. dan zag je die foto van hondenpoep
    hoog in de zoekresultaten,
  144. als een klein protest.
  145. Vreemd genoeg,
  146. kwam Google deze keer niet tussenbeide.

  147. Ze grepen niet in om de resulaten
    manueel bij te werken.
  148. Dus de vraag van één miljoen:
  149. is er iets verschillend
    tussen deze twee gebeurtenissen?
  150. Is er een verschil tussen
    wat er gebeurde met Michelle Obama
  151. en wat er gebeurde
    met Anders Behring Breivik?
  152. Natuurlijk niet.
  153. Het is exact hetzelfde.
  154. Toch greep Google in het ene geval in
    en niet in het andere.
  155. Waarom?

  156. Omdat Michelle Obama
    een eerbaar persoon is, daarom,
  157. en Anders Behring Breivik
    is een verwerpelijk persoon.
  158. Zie je wat daar gebeurt?
  159. Er is een evaluatie van de persoon
  160. en er is maar één machthebber ter wereld
  161. met de autoriteit om te zeggen wie wie is.
  162. "We mogen jou, we mogen jou niet.
  163. Wij geloven in jou,
    we geloven niet in jou.
  164. Jij hebt gelijk, jij hebt ongelijk.
  165. Jij bent Obama en jij bent Breivik."
  166. Dat is pure macht.
  167. Ik vraag je te onthouden

  168. dat achter elk algoritme
    een persoon schuilt,
  169. een persoon met eigen waarden
  170. die geen code ooit kan uitsluiten.
  171. Mijn boodschap is
    -- niet alleen aan Google --
  172. maar aan alle mensen op de wereld
    die vertrouwen op codes.
  173. Je moet je eigen subjectiviteit
    in kaart hebben.
  174. Je moet begrijpen dat je menselijk bent
  175. en verantwoordelijkheid nemen naargelang.
  176. Ik zeg dat omdat ik geloof
    dat we op het punt gekomen zijn

  177. waarop het absoluut nodig is
  178. dat we de band verstevigen tussen
  179. de menswetenschappen en de technologie.
  180. Steviger dan ooit.
  181. En om ons er op zijn minst
    aan te herinneren
  182. dat het verleidelijke idee
    van een objectief, schoon zoekresultaat
  183. een mythe is en wellicht zal blijven.
  184. Bedankt voor je tijd.

  185. (Applaus)